Plaatsbeschrijvingen

Bij huurintrede / huuruittrede

Bij de intrede door een huurder moet er steeds een nauwkeurige beschrijving van het huurpand opgesteld worden. Een volledige plaatsbeschrijving bevat zowel een inventaris van alle kamers en van al wat aanwezig is in de huurwoning, als een beschrijvend deel, waarin de toestand van de kamers en de woning gedetailleerd wordt beschreven. Deze plaatsbeschrijving gebeurt best als de ruimtes nog onbewoond zijn, of tijdens de eerste maand van bewoning. De plaatsbeschrijving moet toegevoegd worden aan het huurcontract.
Aan het einde van de huurperiode wordt er opnieuw een verslag gemaakt en wordt de eventuele huurschade door de expert bepaald. Door vergelijking van beide plaatsbeschrijvingen kan de eventuele schade aangetoond en begroot worden. Op die manier worden zowel huurder als eigenaar van de woning beschermd.


Voor aanvang en na uitvoering van werken

Voor aanvang van de werken wordt een gedetailleerde beschrijving opgemaakt van de bestaande toestand, waarbij bv. scheuren, barsten, vochtschade… omschreven worden. De plaatsbeschrijving wordt meestal uitgevoerd in opdracht van een architect, buur, bouwheer of aannemer en dient om te kunnen aantonen dat schade aan het beschreven pand al dan niet het gevolg is van de werken die ernaast plaats vonden.